|
Terug naar de woordenlijst
Dementie Dementie is een verzamelnaam voor aandoeningen, die gekenmerkt worden door combinaties van meervoudige stoornissen in verstandelijke vermogens, (waaronder ook het geheugen), stemming en gedrag. Dementie komt voor bij klinische syndromen, die veroorzaakt worden door verschillende hersenziekten. De specifieke kenmerken van de verschillende combinaties worden bepaald door de aard, lokalisatie en ernst van de afwijkingen in de hersenen. De symptomen ontwikkelen zich sluipenderwijs, meestal zonder aanwijsbaar beginpunt. Bovendien kan het beeld wisselen op één dag, of van de ene dag tot de andere. Dat maakt het dan ook zo moeilijk om dementie al in een vroege fase te herkennen en te onderscheiden van normale veroudering. Bij dementie worden het geheugen (amnesie), oriëntatievermogen in tijd, plaats of persoon, taal (afasie), emotionaliteit, verlies van eigenwaarde en het oplossen van problemen, plannen, etcetera aangetast. Bovendien komen vaak tal van psychologische en gedragsmatige symptomen voor. Tot de psychologische symptomen behoren hallucinaties en wanen, tot de gedragsmatige symptomen behoren paranoia, depressie, agressie, onaangepast gedrag, hallucinaties en dwalen. De diagnose van dementie berust op de anamnese, het klinisch-neurologisch onderzoek en het neuropsychologisch onderzoek. Er zijn zeventig mogelijke oorzaken van dementie. De meest frequente echter zijn de ziekte van Alzheimer, de vasculaire dementie en de mengvormen van beide vorige. Men onderscheidt primair neuro-degeneratieve van secundaire, vaak reversibele vormen. Dementie volgens Alzheimer is hét typevoorbeeld van een neuro-degeneratieve dementie. Tot de secundaire dementies behoren de dementies die zijn uitgelokt door endocrinologische oorzaken, alcohol en drugs, metabole stoornissen, nutritionele deficiënties, hersentrauma, tumor of ontstekingen. Zo mogelijk is de behandeling oorzakelijk. Geheugentraining kan de amnestische disfunctie gedeeltelijk omzeilen. Op medicamenteus gebied is er sinds enkele jaren vooral bij de ziekte van Alzheimer een vooruitgang geboekt (cholinesteraseremmers). Tenslotte mag de socio-familiale hulp niet onderschat worden.
Depressie Ziektebeeld gekenmerkt door somberheid, passiviteit en wanhoop. De betrokkene heeft een sterke neiging tot piekeren, gebrek aan interesse en plezier. In ernstige vorm komen ook suïcidale neigingen voor.
Designerbaby Deze term kan gebruikt worden om elke baby aan te duiden die geboren wordt na embryoselectie, maar wordt door veel mensen geassocieerd met 'perfecte' baby's die gecreëerd zijn om tegemoet te komen aan de idealen van de ouders. De Maakbare Mens vzw gebruikt de term 'designerbaby' niet graag. Volgens ons is het een tendentieuze term die vaak gebruikt wordt door op sensatie beluste media en fervente tegenstanders van embryoselectie. De term wordt ook gebruikt om te verwijzen naar saviour baby's. (zie ook saviour baby)
DNA-databank Vandaag wordt er in ons land een DNA-staal genomen van mensen die veroordeeld zijn tot een gevangenisstraf van minimaal 5 jaar. In Groot-Brittannië gaat men een stap verder. Daar zitten miljoenen mensen in de database. Van iedereen die in contact is gekomen met het gerecht, hij of zij hoeft niet eens veroordeeld te zijn, wordt er een DNA-staal genomen.
Dolly Het schaap Dolly was het eerste gekloonde zoogdier ter wereld. Het schaap werd op 5 juli 1996 geboren. Op 14 februari 2003 werd Dolly op 6-jarige leeftijd afgemaakt vanwege een longontsteking, die samenhing met vroegtijdige artritis.
Doping Doping is het gebruik van verboden middelen of methoden om sportprestaties te verhogen. Twee termen die veelvuldig worden gebruikt in verband met doping zijn androgeen en anabool. Indien men van buitenaf stoffen met een androgene werking toedient, dan registreert het lichaam dat er een overvloed van deze stoffen aanwezig is en het zal de productie van lichaamseigen androgenen verlagen. Met de term anabool worden de spiermassa vergrotende en herstelbevorderende werking, en aldus beoogde prestatiebevorderende werking, van deze middelen aangeduid. Het Wereld Anti-Doping Agentschap (WADA) definieert doping bijzonder breed als 'overtreding (...) van de antidopingregels'. Concreet gaat het om de volgende overtredingen: aanwezigheid van verboden stof(fen) en/of verboden methode(n), (poging tot) het gebruik van verboden stof(fen) en/of verboden methode(n), (poging tot) gebrekkige medewerking, gebrekkige informatieverstrekking, (poging tot) manipuleren, (poging tot) bezit, (poging tot) handel, (poging tot) toediening, voor minder valide sporters geldt het verbod op 'boosting'. WADA stelt jaarlijks de dopinglijst (lijst met verboden stoffen en methoden) op die op 1 januari van kracht wordt. Een stof of methode kan op de dopinglijst worden geplaatst indien deze aan minimaal twee van de volgende drie criteria voldoet: (mogelijk) prestatiebevorderend en/of (mogelijk) schadelijk voor de gezondheid en/of in strijd met de ‘Spirit of Sport’
Het syndroom van Down of downsyndroom is een aangeboren afwijking die gepaard gaat met een verstandelijke beperking, typerende uitwendige kenmerken en bepaalde medische problemen. Dit wordt veroorzaakt doordat het erfelijk materiaal van chromosoom 21 in drievoud voorkomt (in plaats van in tweevoud). Vroeger werd in de wetenschap wel gesproken van mongoloïde idiotie of mongolisme, tegenwoordig is het officiële gebruik van deze term verdwenen. Mensen met het syndroom van Down worden soms nog wel aangeduid met 'mongool', hoewel het syndroom niets met Mongolen te maken heeft. Omdat de termen 'mongool' en 'idioot' ook wel als scheldwoord worden gebruikt, worden ze als beledigend ervaren. DraagmoederEen draagmoeder is een vrouw die voor een ander een kind draagt en ter wereld brengt. In België bestaat er geen enkele wettelijke regeling over draagmoederschap: het is niet toegelaten en niet verboden. Het gebeurt vermoedelijk enkele tientallen keer per jaar.
Als je als vrouw geen of weinig eigen eicellen produceert, of als ze om genetische redenen niet gebruikt kunnen worden, dan is eiceldonatie je enige kans op zwangerschap. Je partner (de 'partner van de acceptor') levert het sperma, en daarmee worden via ICSI de eicellen van een andere vrouw (de donor) geïnsemineerd. Als die in-vitrobevruchting leidt tot de ontwikkeling van een aantal embryo's, worden één of twee daarvan bij jou in de baarmoeder gebracht, waar ze zich kunnen nestelen en verder ontwikkelen. EmbryoBij de mens wordt de vrucht vanaf de bevruchting tot +/- de derde maand na het begin van de zwangerschap embryo genoemd, daarna spreekt men van foetus. Embryonale stamcellenEmbryonale stamcellen zijn lichaamscellen die de 'potentie' hebben om uit te groeien tot om het even welke soort gespecialiseerde cel. Steeds meer onderzoekers willen embryonale stamcellen onderzoeken om aftakelende weefsels en organen een verjongingskuur te geven. In de toekomst hoopt men stamcellen te laten uitgroeien tot bijvoorbeeld insulineproducerende cellen. De bedoeling is ze te transplanteren bij mensen met diabetes, bij wie de insulineproductie verstoord is. EmbryoselectieVan embryoselectie is sprake als artsen embryo’s na een ivf-behandeling (reageerbuisbevruchting) onderzoeken op hun geschiktheid om in te brengen in de baarmoeder. Van alle ivf-behandelingen resulteert gemiddeld ongeveer een kwart in een zwangerschap. Vanwege deze matige succeskansen worden meestal meerdere embryo’s verwekt voor de tweede en de derde poging. Bij de ivf-behandeling selecteert de embryoloog alleen de vitaalste embryo’s. Dit bepaalt hij onder andere aan de hand van de levendigheid van een embryo. Van een andere orde is het selecteren van embryo’s op de aanwezigheid van een ernstige genetische aandoening. Bij deze behandeling worden uit embryo’s van zo’n drie dagen oud een of twee van de acht cellen verwijderd en onderzocht. Op basis van de uitslag wordt besloten welk embryo naar de baarmoeder wordt overgebracht. EmbryowetDe Embryowet van 2 april 2003 regelt het wetenschappelijk onderzoek op embryo's: het aanmaken van embryo's is enkel toegestaan wanneer overtallige embryo's van pogingen tot kunstmatige bevruchting niet geschikt zijn voor het onderzoek. Deze wet verbiedt ook het reproductief menselijk kloneren. Tenslotte schrijft deze wet ook voor dat vrije geslachtskeuze enkel kan om geslachtsgebonden, overerfbare genetische afwijkingen te vermijden. EpoEpo staat voor het hormoon erytropoëtine, een lichaamseigen stof die in de nieren wordt geproduceerd en het rode beenmerg stimuleert tot de aanmaak van rode bloedcellen. Lichaamsvreemde - en extern toegediende - epo is ontwikkeld als geneesmiddel voor nier - en kankerpatiënten. In de sport wordt epo gebruikt als prestatiebevorderend middel, met name bij de duursporten, omdat het de uithouding bevordert. Epo staat op de lijst van verboden dopingproducten. Het middel wordt opgespoord via urinecontroles die zowel binnen als buiten competitie kunnen worden afgenomen.
Eurotransplant is een vzw die in 1968 is opgericht aan de universiteit van Leiden (Nederland). De voornaamste taak van Eurotransplant is het coördineren van de uitwisseling van organen voor transplantatie in de landen die met deze organisatie samenwerken (België, Nederland, Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk, Slovenië en Kroatië). Alle mensen uit die landen die een orgaan nodig hebben worden ingeschreven op centrale lijsten. Organen die beschikbaar komen uit de samenwerkende landen, worden aan de hand van die lijsten verdeeld. Het afstaan van organen en weefsels voor transplantatie mag nooit gebeuren met een winstoogmerk. Orgaanhandel is wettelijk dus absoluut verboden. Geregeld is er in de kranten sprake van orgaansmokkel. In arme landen zijn er vermoedens van orgaanhandel, maar harde bewijzen ontbreken meestal. Dit kan in West-Europa niet gebeuren door toedoen van Eurotransplant en gelijkaardige organisaties.
Fair Play ‘Fair play’ staat voor ‘eerlijk spelen’ en is een belangrijk ethisch beginsel in de sport. Fair play omhelst een aantal kernwaarden in de sport. Het zegt onder meer dat er geen ongeoorloofde middelen mogen worden gebruikt zoals doping of bepaalde technische hulpmiddelen, dat je tegenspelers niet onfair mag hinderen en dat een sporter zichzelf enkel mag onderscheiden dankzij persoonlijke aanleg, inzet en trainingsarbeid. Concreet betekent dit onder meer dat men niet vals mag spelen, zowel op vlak van spelregels als het gebruik van doping en technische hulpmiddelen. Men moet de autonomie van elke individuele sporter respecteren, en daar zijn risicogedrag op afstemmen.
Fantoompijn Fantoompijn is een pijnsensatie die beleefd wordt als afkomstig van een geamputeerd lidmaat. Dit kan om een geamputeerd been of arm gaan, maar ook bijvoorbeeld een geamputeerde borst of een getrokken kies betreffen. Fantoompijn is een normaal en veel voorkomend verschijnsel. Na amputatie komt fantoompijn bij globaal 70% van de patiënten voor. Na tientallen jaren is dit percentage nog steeds zo'n 50%. Fantoompijn doet zich het meest voor in aanvallen die in ernst en frequentie kunnen verschillen, maar kan ook chronisch optreden en altijd aanwezig zijn. Kenmerkend is dat fantoompijn wordt omschreven als stekend, brandend, prikkelend, tintelend, etc. Over de oorzaak van fantoompijn is inmiddels duidelijk dat het hersengebied dat oorspronkelijk correspondeerde met het geamputeerde lichaamsdeel nog actief is en chronisch of af en toe geactiveerd wordt. De hersenen interpreteren dit alsof het geamputeerde lichaamsdeel er nog is en pijn doet.
Foetus Een foetus is een ongeboren vrucht in het stadium waarin gelijkenis met het volwassen stadium gaat optreden, in deze fase spreken we niet langer over embryo. De foetale fase begint acht weken na bevruchting. De fœtus is dan ongeveer 2,5 cm groot en weegt maar een paar gram. In de dertiende week is de foetus acht centimeter en weegt 30 gram. Alle belangrijke lichaamsstructuren, zoals handen, voeten, het hoofd, de organen en de hersenen, zijn al aanwezig maar ze groeien verder en worden steeds functioneler.
Vorige - Top - Volgende
|