| De vijfde revolutie |
|
|
|
In navolging van Ramachandran meent de schrijfster aan de vooravond van de “neurorevolutie” te staan, een vijfde revolutie na de vaststelling dat de aarde niet het middelpunt van het heelal is (Copernicus), de evolutietheorie (Darwin), het belang van het onbewuste driftleven (Freud) en de ontdekking van het DNA (Watson en Crick). Meteen is de teneur gezet: de vijf revoluties zijn genomineerd! Beetje enggeestig toch, want wat te denken van de Franse Revolutie met de verlichting of de seksuele revolutie om maar enkele disparate kandidaten te noemen? Frank is een Deense wetenschapsjournaliste die in De vijfde revolutie een meeslepend verslag weergeeft van haar reis langs enkele gekende, vooraanstaande of gecontesteerde mensen die zich met hersenwetenschap inlaten. Zij stelt telkens de vraag hoe de neurowetenschap onze wereld zal veranderen. De auteur vertelt graag over Michael Persinger, een Canadese professor die met een “Godshelm” religieuze ervaringen opwekt. Het is opmerkelijk dat Frank, van opleiding biologe, geloof binnen de wetenschap onderbrengt en niet in het gevoelsdomein. Ze bezoekt vervolgens Marc Hauser, een bioloog en antropoloog die zich omgeturnd heeft tot moraalwetenschapper. Hij is van mening dat er een “morele grammatica bestaat”, naar analogie met de universele grammatica van Noam Chomsky. Maar hij aanvaardt wel dat de “alledaagse” moraal sociocultureel beïnvloed is. Richard Davidson zou de neurologische geheimen van “geluk” in kaart kunnen brengen. In de grond benadert hij de neurobiologische processen die gepaard gaan met geluk. Via onderzoek naar meditatie vindt ook zen hier een onderkomen, wel trendy. Spiegelneuronen mogen niet ontbreken. Spiegelneuronen zijn een belangrijke neurologische ontdekking van de laatste decennia. Zij laten toe ons te spiegelen aan de andere en spelen een belangrijke rol in ons sociaal leven. Maar het blijft onduidelijk waar de geïnterviewde wetenschappers heen willen. Neuro-economie is een nieuwe trend, daarom nog geen wetenschap. Andrew Lo meent aan de hand van hersenscans het langetermijnsucces van een beurshandelaar te kunnen voorspellen. Eindelijk hoop in tijden van bankcrisis? Bovendien zou men met hersenscans leugens kunnen detecteren. Beetje simplistisch toch hoe “wetenschappers” zonder de nodige vooropleiding de kleurplaatjes van een scan interpreteren… De auteur lijkt dit ook te beseffen, maar dekt deze kritiek gauw weer toe, waarom? Ze eindigt op een hoopgevende toon, maar met een wat zalvende bijklank. Dat de neurowetenschap een toenemend effect op onze maatschappij heeft, is stilaan een boutade geworden. Effecten van de “neurorevolutie” worden in dit boek op een vlotte, heel aantrekkelijke en boeiende manier aangebracht. Het is moeilijk de grenzen van de “neurorevolutie” te voorzien. Mensen zijn hiervoor bevreesd. Dit is niet nieuw, denk maar aan de schrikbeelden die Huxley voorzag. Wetenschap beweegt zich vaak aan de grenzen van de ethiek. Meer kennis brengt ook meer autonomie en meer verantwoordelijkheid mee. De vraag is niet zo zeer of we die kennis wel willen, maar hoe we met de effecten ervan omgaan…? En hier blijft de lezer op zijn honger zitten. Natuurlijk kan ook de auteur geen sluitend antwoord geven, maar enkele kritische standpunten waren hier zeker op hun plaats geweest. Een gemiste kans voor een geëngageerd journalist, of een uitdaging voor de sceptische lezer. |


