| Waarom we verliefd zijn |
|
|
|
‘Liefde is poëzie, want verliefde mensen voelen zich hoog verheven boven het aardse. Ze hebben het gevoel zich in een situatie te bevinden, die van het allergrootste belang is’. Dit schreef de Duitse filosoof Arthur Schopenhauer begin negentiende eeuw in zijn boek De kunst van het verleiden. Zijn uitspraak is een mogelijk antwoord op de vraag die psychologe Helen Fisher zichzelf stelt in haar boek Waarom we verliefd zijn. Een boek waar vraag naar blijkt te zijn, want de Nederlandse vertaling kent inmiddels een derde druk. Liefde en verliefdheid in al hun facetten intrigeert de auteur dermate dat zij in 1996 aan een uitgebreid multidisciplinair onderzoek begon om de raadselen rond de ervaring van verliefdheid te ontsluieren. Waarom hebben mensen elkaar lief, waarom kiezen zij de partner die ze kiezen? Verschillen mannen en vrouwen in hun gevoelens en hoe reageren zij als ze in de liefde worden gekrenkt? Wat is liefde op het eerste gezicht of wat is een romantische liefde? Hoe reageren de hersenen van iemand die verliefd is of wordt afgewezen in de liefde? Deze vragen vormen de kern van het onderzoek dat heeft geleid tot dit boek. Volgens Fisher is verliefdheid een belangrijk netwerk in de hersenen, dat zich heeft ontwikkeld in de evolutie van de mens om paring en voortplanting te sturen. Lust is de begeerte naar seksuele bevrediging, maar verliefdheid is de vreugde die men kent om tot verbondenheid tussen twee partners te komen. Verliefdheid is niet duurzaam en wordt minder naarmate de tijd dat men samen is en elkaar kent, vordert. Verliefdheid kan ook geheel verdwijnen en zelfs overgaan in een aversie voor de eerder innig geliefde persoon. Kortom, verliefdheid is niet zo maar een oppervlakkig gegeven in het menselijk bestaan en vergt een degelijk onderzoek. In haar onderzoek maakt Fisher gebruik van hersenscans om de hersenactiviteit te registeren van proefpersonen die al dan niet verliefd waren of die waren afgewezen door iemand die ze aanbaden. De proefpersonen vulden ook een vragenlijst in, die achter in het boek is terug te vinden. Zo ontdekte ze dat de hersenen van iemand die verliefd is in de loop van de tijd kunnen veranderen. Er blijken verschillende gebieden in de hersenen actief te worden tijdens de gemoedstoestanden die met verliefdheid gepaard kunnen gaan, zoals jaloezie, vreugde of verdriet. Het gedrag van stalkers of een passionele moord kan worden uitgelegd door de hersenactiviteit die met verliefdheid gepaard gaat. Fisher concludeert dat verliefdheid een fundamentele menselijke drijfveer is die, evenals honger en dorst naar voedsel en drank, het voortbestaan van de soort in stand houdt. Deze hartstocht blijkt een chemische carrousel van verschillende overdrachtstoffen in de hersenen: dopamine, noradrenaline en serotonine. De concentratie en de verhoudingen van deze neurotransmitters zijn de motor achter de gevoelens die bij verliefdheid horen. Deze chemische stoffen zijn gevoelig voor medicatie, zoals antidepressiva, die kunnen worden gebruikt als de liefde er niet meer is en het verdriet van diegenen die het overkwam grenzeloos blijkt. Fisher belicht het begrip verliefdheid niet alleen op een historische en sociologische, maar ook op een semi-wetenschappelijke manier. Haar testen en vragenlijsten geven meer inzicht en zijn ongetwijfeld boeiend voor iedereen, die diep in dit onderwerp wil doordringen. Het gevaar bestaat een beetje dat de lezer vergeet dat verliefdheid in eerste instantie iets is dat je overkomt en waarvan je wilt genieten. Verliefd zijn brengt je op een ander niveau, om met Schopenhauer te spreken, maar je hoeft niet te weten in welk deel van de hersenen de dopamine begint te stijgen. Verliefdheid kan heel productief zijn. Zo zijn er prachtige opera’s, gedichten en romans geschreven door een verliefde auteur of schilderijen gemaakt door een romantische schilder. Maar als de liefde wordt geweigerd, kan dat leiden tot groot verdriet, depressie en eventueel zelfmoord. Ook daar zijn veel voorbeelden van gekend in de geschiedenis. Fisher begint ieder hoofdstuk met een motto of een paar dichtregels en verwijst regelmatig naar voorbeelden uit de literatuur. Dat zorgt voor een uitgebreide bibliografie achter in het boek. Voor diegenen die niet verzadigd zijn, blijft er genoeg stof over om de zoektocht naar de vele ervaringen die reeds gekend zijn, verder te zetten. Genoemde filosoof Schopenhauer komt in haar referenties niet voor. Toch maakte hij twee eeuwen geleden al een belangrijk punt met zijn uitspraak: ‘Hoewel er op aarde geen twee gelijke individuen zijn, moeten een man en een vrouw steeds zo volmaakt mogelijk overeenstemmen. De hartstochtelijke liefde is net zo zeldzaam als het toeval van een dergelijke ontmoeting’. Inderdaad, hoewel verliefdheid grotendeels is terug te voeren tot een chemisch netwerk in de hersenen, zal iedere verliefdheid een unieke, persoonlijke gebeurtenis zijn, die een mens verheft boven het alledaagse en alleen al daarom van het allergrootste belang is. |


