|
|
|
Een dichtende dokter loop je niet zomaar tegen het lijf. Associëren we artsen niet vooral met technische en klinische zaken die zeer precieze dingen aanwijzen, terwijl de taal van de dichter zich hult in omschrijvingen en metaforen? Dr. Marc Cosyns doet het nochtans. Hij is als bekend specialist stervensbegeleiding ook lid van de raad van bestuur van de Maakbare Mens vzw maar is daarnaast ook een breed geëngageerd intellectueel die het maatschappelijk debat en de kunsten genegen is – daarom is hij waarschijnlijk niet toevallig lid van onze raad van bestuur. Toen eerder dit jaar de film Turquaze in de Vlaamse filmzalen te bewonderen was, sprak de regisseur ervan, Kadir Balci, hoe je als kunstenaar ‘het best die verhalen vertelt waarop je zelf betrokken bent’. Dit motto lijkt ook Marc Cosyns als uitgangspunt te hebben genomen, al is zijn debuut niet zomaar een aantal verzen over leven en dood maar voor leven en dood. De dichter wil met zijn bundel het leven – wij dus – iets geven, hij wil ons doen nadenken over leven de dood en dit niet alleen vanuit het perspectief van de zuivere rouw. Ook de zorg, de vreugde en de erotiek hebben hun plaats. Natuurlijk staat de dood centraal, gezien het opzet van de bundel. Marc Cosyns lijkt bewust te kiezen om rondom het thema te cirkelen vanuit de onmogelijkheid er het laatste woord over te kunnen zeggen. In het gedicht ‘Laatsleden zei hij’ lezen we het volgende: “De metafoor ontbreekt om stijlvol uit het leven te stappen.” (p. 13) Deze abrupte sequens sleurt de lezer meteen de thematiek binnen: we willen waardig sterven en streven ernaar maar de juiste termen ontberen ons om het met stijl te verwoorden. In haast elk gedicht lijkt dat besef op de achtergrond te werklinken. De woorden die de dichter kiest zijn zacht en zorgzaam, zelden uitbundig maar toch veel meer dan loutere waterdragers van het gevoel dat het meest de dood omringt: het verdriet, maar ook de melancholie. Ook de passie spreekt in deze bundel. Wie voor de dood en het leven schrijft, zoekt natuurlijk om aan dat leven die woorden te geven die het onuitspreekbare toch enigszins vorm en gestalte geven. Dat is geen sinecure. Immers, wanneer we iemand verliezen, komen we snel tot uitspraken als ‘daar zijn geen woorden voor’ of ‘alleen stilte is nu gepast’. De gedichten van Marc Cosyns geven de stilte als het ware een grond om in te verblijven. In de woorden van zijn verzen woont de stilte en komt ze tot leven. Er lijkt een leven te zijn na en in en met de stilte. Wie dat niet inziet, moet zeker Laatsleden lezen, al is dat maar één van de redenen waarom deze bundel het proeven waard is. Laat ik daarom gepast afsluiten door de dichter zelf aan het woord te laten: “als wij zo oud geworden zijn/jou als ons niet meer herkennen/niet eens jouw naam meer weten/breng ons dan samen recht-in linkerhand/de cirkel rond in zakdoek leggen/en zeg: ik ben er, weet je nog/toen jullie samen lagen/klaarwakker van verlangen/het gevoel dat ik er was bekennen/en jullie mag in samenslaap/die mij nog wakker houd van liefde/laten samen sterven/zo zal je ons bewaren. (p. 31)
|


