Terug naar overzicht

Wat gebeurt er bij orgaandonatie? Transplantatiecoördinator Bruno Desschans vertelt

Bruno is als transplantatiecoördinator verbonden aan UZ Leuven. Transplantatiecoördinator? Jazeker! Samen met zijn collega’s begeleidt hij de orgaandonaties en transplantaties vanaf de eerste aanmelding, over het vervoer van het orgaan, tot aan de begeleiding van ontvangers en donorfamilie. Een job op de grens tussen leven en dood. Tijd voor een praatje! 

Als ik orgaandonor ben bij mijn overlijden, wat gebeurt er dan precies?

Eerst en vooral doet het ertoe hoe en waar je overlijdt. Orgaandonoren overlijden in het ziekenhuis. Belangrijk is dat men daar altijd eerst alles op alles zet om het leven van de patiënt te redden. Artsen gaan tot het uiterste om hun patiënt er door te halen, of die bereid en geschikt is om organen te doneren, maakt op dat moment niet uit.

Stel dat er echt niets meer kan helpen en de patiënt onomkeerbaar geen enkele hersenactiviteit meer heeft, dan kan men de patiënt hersendood verklaren en kan deze bijgevolg een kandidaat zijn om organen en weefsels te donoren.

Hersendood?

Ja. De meeste donororganen komen van mensen die hersendood zijn.
Hersendood wordt objectief vastgesteld door 3 artsen, op basis van neurologische testen. Medisch gezien ligt dat vrij duidelijk, maar voor familie en naasten kan het soms moeilijk zijn. Hun geliefde ziet er eigenlijk uit alsof hij slaapt. Die persoon wordt nog beademd, die voelt nog warm aan, die “lijkt er nog te zijn”.
Spijtig genoeg klopt dat niet. Dat proberen we zo zorgvuldig mogelijk uit te leggen. Ook om te voorkomen dat na de donatie (wanneer de patiënt niet meer beademd wordt) de shock niet te groot is.

Een tweede groep van orgaandonoren zijn niet hersendood. Deze patiënten hebben een uitzichtloze, onomkeerbare hersenbeschadiging en zijn o. a. afhankelijk van de beademing. Alle therapeutische opties zijn benut maar zonder gunstig resultaat. Na het stopzetten van de therapie, komen ze snel te overlijden. Met toestemming van de familie wordt de therapie in het operatiekwartier gestopt met het oog op orgaandonatie. 

Dus, iemand is in het ziekenhuis overleden, pas dan komt orgaandonatie echt aan de orde?

De arts intensieve zorgen meldt de persoon aan als mogelijke orgaandonor bij de dienst transplantatiecoördinatie.

Eerst raadplegen we het register voor orgaandonoren. Dat is een register, gekoppeld aan het rijksregister, waarin staat of iemand bij leven zijn wens heeft kenbaar gemaakt. Uiteraard wordt de registratie gerespecteerd. 94% van de Belgen heeft echter geen registratie. Dan gaan we ervan uit dat ze orgaandonor zijn. Dat is de eigenheid van de Belgische wet, ze veronderstelt dat wie zich niet verzet heeft bij leven, donor is.

Als de opname op intensieve zorgen en het overlijden het gevolg is van geweld dan contacteren we eerst het parket. Het lichaam moet immers vrijgegeven worden voordat we over donatie kunnen denken.

Vervolgens gaan we na of iemand medisch geschikt is om te doneren. Dat betekent, is er minstens 1 orgaan geschikt voor transplantatie.

We lichten de familie in over orgaandonatie. Waar mogelijk doen we dat in 2 gesprekken. Eerst een gesprek waarin we het nieuws brengen dat de persoon hersendood is, en daarna brengen we pas orgaandonatie ter sprake. Dan hebben mensen even de tijd om het te plaatsen.

Daarna volgen nog wat orgaanspecifieke medische onderzoeken. Als er bij de donor één of meerdere organen geschikt zijn, wordt de donor aangemeld bij Eurotransplant. Dat is een organisatie die zich in Nederland bevindt, en samenwerkt met 8 landen. Zij staan in voor de toewijzing van organen, over de landsgrenzen heen. Er is een verdeelsleutel die rekening houdt met medische dringendheid en het rechtvaardigheidsprincipe.

Als het orgaan is toegewezen gebeurt de uitname. De operatie neemt gemiddeld zo’n 3 a 4 uur tijd in beslag. Daarna volgt eventueel nog weefseldonatie, wat uiteraard minstens even belangrijk is.

Soms is er bezorgdheid over weefseldonatie bij de nabestaanden. Mensen vrezen dat het lichaam er erg geschonden zal uitzien bij donatie van ik zeg maar wat, huid of netvlies. Dat weerleg ik dan wel. Zowel voor orgaan- als weefseldonatie wordt het lichaam met respect behandeld en niet onnodig geschonden. Dat is niet alleen menselijk, maar ook wettelijk verplicht.

Wat betekent het voor de familie als hun overledene orgaandonor wordt?

Er is weinig praktische impact voor de familie: orgaandonatie heeft geen invloed op het afscheid, de rouwgroet, of de uitvaart. Die dingen gebeuren precies zoals bij een ander overlijden.

Emotioneel merken we dat orgaandonatie een positieve impact kan hebben op rouwproces. Door de donatie is de dood niet voor niets geweest. Hoe tragisch en onverwacht dat overlijden misschien ook komt, het heeft op een manier zin gehad. Het idee dat een geliefde iemand anders het leven redt en zo in zekere zin nog verder leeft, geeft troost. Een lichtpuntje in de duisternis, zeg maar.

We merken ook dat het rouwproces van de familie van orgaandonors, misschien noodgedwongen, sneller gaat. Het geeft duidelijkheid, weet je. Als iemand zijn organen afstond, blijkt de dood duidelijk. Mensen hoeven niet meer te zoeken, ze kunnen er zin aan geven. Donorfamilies komen vaak makkelijker tot aanvaarding.

Als ik orgaandonor zou zijn, kan iedereen mijn organen krijgen?

Wel, iedereen die ingeschreven is op de wachtlijst voor transplantatie-organen binnen de Eurotransplantzone, kan een orgaan van jou ontvangen. Naast België zitten Nederland, Duitsland, Luxemburg, Slovenië, Hongarije, Kroatië en Oostenrijk in het samenwerkingsverband. Je orgaan zal dus niet gaan naar iemand met de Franse nationaliteit, want Frankrijk zit niet in Eurotransplant.

Maar bij het toewijzen van organen moet er natuurlijk ook rekening gehouden worden met de bloedgroep en met de grootte van de organen. Sommige organen zijn aangepast aan je lichaamsbouw. Een kinderhart transplanteren bij een rijzige man, zou een slecht idee zijn.

Je kan je organen niet ‘richten” naar iemand welbepaald of naar een bepaalde groep. Elk orgaan afkomstig van een overleden donor wordt met dezelfde verdeelsleutel toegewezen.

Hebben veel mensen een donororgaan nodig?  

Toch wel, in België transplanteren we ongeveer 900 a 1000 organen per jaar. Soms gaat het om een dubbele transplantatie, bijvoorbeeld hart en longen. Soms moeten mensen een nieuwe transplantatie krijgen. In ons land zijn ieder jaar 300 a 350 donoren. De kans dat je ooit een orgaan zal krijgen, is dus groter dan de kans dat je ooit donor zal zijn.

Elke donor kan tot 8 levens redden. De meeste donoren redden meerdere levens, maar minder dan 8. Hoe komt dat? 

Dat heeft alles te maken met de kwaliteit van de verschillende organen. Neem bijvoorbeeld nieren of een hart, die zijn leeftijdsgevoelig. Vanaf een bepaalde leeftijd verliezen ze aan kwaliteit en zo raken ze uitgesloten voor donatie. Maar let op, dat is niet altijd zo. Een lever bijvoorbeeld, die kan je vaak nog gebruiken zelfs als de donor al vrij oud was. De oudste leverdonor in ons centrum was 93 jaar oud.

8 donaties is fenomenaal. Het komt niet zo vaak voor maar het gebeurt wel. Een donor schenkt gemiddeld 3 a 4 organen.

Waarom mogen donorfamilie en ontvangers elkaar niet spreken?

Die vraag krijgen we hier wel eens vaker, ja. Maar de wet zegt dat orgaandonatie anoniem moet gebeuren en in de praktijk is dat zo slecht nog niet. Donorfamilies willen vaak weten wie ontvanger was. Dat is natuurlijk begrijpelijk, maar het is ook wat gevaarlijk: er kunnen snel verwachtingen en misschien ook ontgoochelingen ontstaan.

Het zou veel druk leggen bij de ontvanger. Die staat plots voor een rouwende familie voor wie hij nooit kan terugdoen wat hij ontvangen heeft. Anonimiteit heeft voor beide partijen voordelen: de donorfamilie kan niet ontgoocheld raken omdat de ontvanger niet is wie ze zich hadden ingebeeld. De ontvanger op zijn beurt hoeft geen verwachtingen in te lossen.

Donorfamilie en ontvanger kunnen wel anoniem contact met elkaar opnemen via het transplantatiecentrum. Dat gebeurt ook, doorheen de jaren zelfs meer en meer. Een brief, een kaartje of een tekening om te laten weten hoe het gaat mag absoluut. Alle post wordt gecontroleerd en waar nodig geanonimiseerd.

Je hebt een erg ontroerende job?  

Zeker. De mooiste ter wereld (lacht).

Interview door Eline Cautaerts, De Maakbare Mens. Met dank aan Bruno Desschans.

Lees meer over orgaandonatie in je inbox

Met pakkende getuigenissen, extra duiding en interviews bieden we je de komende maanden graag een inkijk in de wereld van orgaandonatie.

Schrijf je in voor onze 4-delige special rond orgaandonatie. Vanaf december krijg je maandelijks een editie in je mailbox.  Je kunt nog steeds instappen om de volgende edities te ontvangen.

Bekijk ook even dit:

Je winkelmand is leeg.