Terug naar overzicht

Huiddonatie, van cruciaal belang bij de behandeling van brandwonden

.

Huiddonatie, van cruciaal belang bij de behandeling van brandwonden


Interview met Dr. Gilbert Verbeken, brandwondencentrum Militair Hospitaal Koningin Astrid

door Fien Neirynck

Orgaandonatie is anno 2024 vrij bekend. Maar weinig mensen weten dat ook heel wat andere cellen en weefsels kunnen worden gedoneerd. Toch zijn er zeer veel toepassingen met weefsels die levensreddend zijn of de levenskwaliteit van de ontvanger merkbaar vergroten.

Om de praktijk van weefseldonatie wat meer bekendheid te geven, gingen we op gesprek bij Dr. Gilbert Verbeken. Hij werkt dagelijks met donorhuid en vertelt ons er alles over.

 

U werkt in het Militair Hospitaal Koningin Astrid in Neder-Over-Heembeek. Het hospitaal is vooral bekend omwille van het brandwondencentrum. Kan u daar wat meer over vertellen?

Het brandwondencentrum werd opgericht na de grote brand in de Innovation in Brussel, in 1967. Er vielen toen 251 doden, en ruim 60 personen raakten gewond. Er was te weinig capaciteit en te weinig expertise om deze mensen goed te behandelen. In reactie hierop werden plannen gemaakt voor de oprichting van het brandwondencentrum. Enkele jaren later werd er ook een huidbank ingericht en in 1987 kwam daar de huidcultuurbank bij.

Nu nog steeds worden in het brandwondencentrum de slachtoffers van ongevallen en rampen opgevangen. Denk maar aan de slachtoffers van de aanslag in Zaventem. Ook oorlogsslachtoffers uit bijvoorbeeld Oekraïne komen hier terecht. Dat is een voordeel aan het feit dat het om een militair hospitaal gaat. Er is de logistiek en expertise om patiënten over te vliegen vanuit oorlogsgebied of rampengebied.

Het brandwondencentrum is één van de grootste en modernste centra van Europa. Meer dan 95% van de behandelde patiënten zijn burgers en geen militairen.

Hoe wordt donorhuid ingezet bij de behandeling van brandwonden?

Donorhuid wordt als een tijdelijk biologisch verband gebruikt om de brandwonde af te dekken. Hierdoor krijgt de verbrande huid de tijd om te herstellen. De donorhuid zorgt voor minder infecties, minder pijn, minder littekens en een betere genezing. Er bestaat geen kunstmatig verband dat de biologische kwaliteiten van donorhuid evenaart.

Wat moeten we ons voorstellen bij een huidbank?

De huidbank in het Militair hospitaal is een zaal met verschillende tanks gevuld met vloeibare stikstof. We zijn één van de weinige huidbanken die kiezen voor deze manier van bewaring. De techniek wordt cryopreservatie genoemd. Het grote voordeel aan bewaring in stikstof is dat de huidcellen grotendeels in leven blijven. De biologische functie van de huid blijft behouden. Dit zorgt voor een snellere genezing wanneer de huid als biologisch verband wordt aangebracht. Een nadeel is dat na enkele weken de donorhuid kan worden afgestoten. Maar als de wonde op dat moment nog niet voldoende genezen is, kan de afgestoten donorhuid worden vervangen door een nieuwe donorhuid. Wanneer de wonde wel voldoende genezen is, maar zich niet spontaan kan sluiten, dan wordt de eigen huid van de patiënt erop getransplanteerd.  

De bewaarmethode met vloeibare stikstof vergt ook strikte veiligheidsvoorschriften.

Veel huidbanken in Europa bewaren donorhuid niet in vloeibare stikstof maar in glycerol. Dat is minder complex en vraagt minder veiligheidsvoorschriften. De donorhuid kan dan bewaard worden in koelkasten bij +4° Celsius. De huidcellen worden door de glycerol gedood waardoor de actieve biologische functie verloren gaat. De structuur van de huid blijft echter wel bewaard en blijft daarom bruikbaar als biologisch verband. Het voordeel van bewaring in glycerol is dat ook een eventuele bacteriële infectie van de donorhuid door de glycerol wordt gedood.

Wat is een huidcultuurbank?

De huidcultuurbank laat ons toe om zelf huid te kweken. Bij het kweken van huid vertrekken we vanuit cellen of stamcellen die worden gedoneerd. We kunnen bijvoorbeeld cellen halen uit de gedoneerde voorhuid van een pasgeboren jongetje. Dat kan een donatie zijn na overlijden of na een besnijdenis om medische redenen. Uit de voorhuid van één kind kunnen we voldoende cellen halen om er vele jaren mee te kweken, tot een oppervlakte van in totaal ongeveer 100 km² aan huid.

Wie komt in aanmerking om huiddonor te worden?

Net als bij orgaandonatie is volgens de Belgische regelgeving iedereen verondersteld donor, tenzij je bij leven laat registreren dat je géén donor wil zijn. Je kan ook je uitdrukkelijke toestemming geven om donor te worden. Daarbij kan je de verschillende opties aanvinken: je kan donor worden voor organen en/of voor ander lichaamsmateriaal. Je kan doneren in functie van therapeutische toepassing, van medicijnenontwikkeling of in functie van wetenschappelijk onderzoek. Wanneer je geen uitdrukkelijke toestemming hebt gegeven bij leven, is er een veronderstelde toestemming. Dan zal men in gesprek gaan met je nabestaanden en vragen of zij jouw wens kennen.

Daarnaast is ook de gezondheid vóór het overlijden van belang. Sommige ziektes kunnen ertoe leiden dat de huid niet meer bruikbaar is voor donatie. Om het risico op overdraagbare ziekten tot een minimum te beperken, vindt er een medisch onderzoek plaats en wordt de medische geschiedenis van de overledene nagekeken. Ook na de donatie wordt de huid nog uitgebreid onderzocht en getest.

De plaats en omstandigheden van overlijden zijn van minder belang. Bij orgaandonatie moet de donor overleden zijn in het ziekenhuis. Bij weefseldonatie is dit niet noodzakelijk. Indien het lichaam voldoende snel gekoeld werd, kan de donatie plaatsvinden tot 24 uur na het overlijden. Hierdoor komen ook personen die bijvoorbeeld thuis overleden zijn in aanmerking als donor. De wegname van de weefsels gebeurt wel altijd in een ziekenhuis.

Waarom is er dan toch een tekort aan huiddonoren?

In tegenstelling tot orgaandonatie is weefseldonatie relatief onbekend. Wanneer familie na het overlijden van een geliefde de vraag krijgt of ze instemmen met huiddonatie, zijn ze niet op deze vraag voorbereid. Er komt dan ook vaker een negatief antwoord dan bij orgaandonatie.

Nabestaanden stellen zich vaak voor dat hun overleden familielid zal worden verminkt door huiddonatie, maar dat is niet het geval. Meestal wordt er enkel huid van de rug en de benen weggenomen. Het gaat om een flinterdun laagje, van zo’n 0,3 mm dikte.

Tegelijk is er een logistiek probleem met betrekking tot donorweefsel. Er is momenteel geen centraal aanmeldingspunt, zoals dat voor orgaantransplantatie wel het geval is.

Eurotransplant is een Europese organisatie die de aanmelding en toewijzing van donororganen coördineert. Wanneer er een donor overlijdt, wordt dit meteen in het Eurotransplant systeem ingegeven. Dan wordt bekeken voor welke ontvangers binnen Europa dit een match kan zijn. De bewaring en het vervoer van de organen worden door het Eurotransplant systeem georganiseerd.

Voor huiddonatie ontbreekt tot op vandaag een dergelijk coördinerend systeem. Bij het overlijden van een potentiële donor is er geen centraal aanmeldingspunt waar dit kan worden gemeld. De individuele arts kan ervoor kiezen om de verschillende weefselbanken op de hoogte te stellen, maar vaak gebeurt dat niet. Ook voor artsen en ziekenhuizen is huiddonatie minder bekend. Hierdoor blijven veel kansen liggen.

Behalve huid kunnen ook nog een heel aantal andere weefsels worden gedoneerd. Waarover gaat het dan?

Het kan over heel veel verschillende weefsels of cellen gaan. Gedoneerd botweefsel bijvoorbeeld, kan worden gebruikt bij de behandeling van complexe breuken of om door kanker aangetast bot te vervangen. Ook bloedvaten en hartkleppen kunnen als donormateriaal zeer zinvol zijn. Vanuit de ogen kan het hoornvlies en de oogrok worden gebruikt bij de behandeling van blindheid en slechtziendheid. Ook gehoorbeentjes en vruchtwatervliezen kunnen worden gedoneerd. Cellen uit de pancreas kunnen worden getransplanteerd om de insulineproductie bij personen met diabetes te verbeteren. Er zijn zeer veel toepassingen mogelijk.

Een overleden donor die in goede gezondheid verkeerde, kan vijftig tot wel honderd mensen helpen via weefseldonatie. Voor sommige van deze mensen zal de weefseldonatie levensreddend zijn. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij ernstige brandwonden. Daar kan donorhuid het verschil maken tussen leven en dood. Voor andere mensen zal de weefseldonatie vooral de levenskwaliteit verbeteren. Bijvoorbeeld wanneer donorhoornvlies blindheid kan verhelpen of wanneer een donorhartklep opnieuw een actief leven mogelijk maakt.  

Vind je dit interessant?

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang maandelijks boeiende inzichten en doordenkers in jouw mailbox.

Je winkelmand is leeg.