Terug naar overzicht

Van muizen tot apen. Hoever mag het onderzoek gaan?

De weg naar de kliniek is nog lang voor in-vitrogametoganese (IVG), maar het onderzoek met muizen is vandaag volop aan de gang. Dierproeven worden gebruikt om de techniek van IVG te ontwikkelen en om te onderzoeken of de techniek veilig is. De vraag is welke dierproeven en met welke dieren aanvaardbaar zijn voor de ontwikkeling van IVG? Het is een techniek die het voor mensen die dat nu niet kunnen mogelijk zou maken om genetisch eigen kinderen te krijgen. De opties die ze vandaag hebben om hun kinderwens te vervullen zijn beroep doen op een donor of adoptie.

Mag er voor de ontwikkeling van IVG onderzoek gebeuren met muizen? Met apen? Met menselijke embryo’s? En met volwassen mensen?

Bio-ethicus Heidi Mertes over de belangrijkste ethische bedenkingen bij IVG

Wat vindt het burgerpanel?

Onderzoek met muizen

Alle deelnemers zijn het ermee eens dat onderzoek met muizen voor de ontwikkeling van IVG mag. De belangrijkste overwegingen zijn dat er geen volwaardig alternatief is omdat dieronderzoek meer kennis oplevert dan bijvoorbeeld onderzoek met embryo’s, en men vindt het ook zinvol onderzoek omdat het waardevolle informatie oplevert.

Bijkomende informatie over wat het dieronderzoek precies inhoudt zorgt ervoor dat de voordelen meer doorwegen dan de nadelen. Het onderzoek is minder erg dan sommigen het zich hadden voorgesteld. Pijn moet wel zoveel mogelijk worden vermeden, door bijvoorbeeld pijnstilling te geven. Maar men beseft dat lijden niet altijd te voorspellen of vermijden is.

De deelnemers gaan akkoord met onderzoek met volwassen muizen, maar ook met het maken van nieuwe muizen met IVG.

Onderzoek met apen

Voor een deelnemer is er een fundamenteel verschil als het gaat over onderzoek met apen en vindt dit niet toelaatbaar. Voor de andere deelnemers maakt dit weinig of geen verschil. Ze zien het onderzoek met apen als een noodzakelijke tussenstap tussen muizen en mensen. Het onderzoek met apen is nodig om de risico’s voor het onderzoek bij mensen zoveel mogelijk te verminderen en het dus veiliger te maken.

Onderzoek met menselijke embryo’s

Onderzoek met menselijke embryo’s vindt men ook aanvaardbaar. Zowel met embryo’s die overblijven na vruchtbaarheidsbehandelingen en aan de wetenschap worden geschonken, als met embryo’s die voor dit onderzoek worden gemaakt. Het maken van embryo’s is zeker geen probleem als men weet dat er onvoldoende andere embryo’s zijn voor dergelijk onderzoek. De grootste bekommernis is de termijn dat een embryo in het labo mag groeien. Nu is dat 14 dagen, maar wat als die termijn opschuift? Welke termijn aanvaardbaar is, is een moeilijke vraag.

Onderzoek bij volwassen mensen

Onderzoek bij volwassen mensen moet kunnen als de risico’s voldoende laag zijn. Maar  wat ‘voldoende laag’ precies inhoudt, is moeilijk te bepalen. De deelnemers vinden het vooral belangrijk dat de proefpersonen goed geïnformeerd zijn en een vrije keuze kunnen maken.

Met IVG een kind laten geboren worden

Als IVG zonder risico’s zou kunnen, dan heeft niemand er bezwaar tegen dat er via IVG mensen geboren worden. Maar zeker in het begin zijn er altijd risico’s. Wensouders mogen risico’s nemen, maar ze moeten er wel goed over geïnformeerd zijn en de risico’s mogen niet extreem zijn. Er is vertrouwen in artsen, wetenschappers en ethische comité’s om de risico’s in te schatten. Artsen en wetenschappers moeten ook kunnen weigeren, zij moeten het belang van het kind laten primeren boven de kinderwens.

Bekijk ook even dit:

Je winkelmand is leeg.